Schuur, garage of weiland: waarover betaalt u 2 procent en waarover 10,4?
Bij een woning hoort het lage tarief van de overdrachtsbelasting, en dat geldt ook voor wat er als aanhorigheid bij hoort: een garage, een tuin, soms een schuur. Maar niet alles wat u in één koopakte meekoopt telt mee, en de rechtspraak hierover is streng. Dit artikel legt de drie eisen uit die de rechter stelt, laat zien waarom afstand en feitelijk gebruik zwaarder wegen dan wat er op papier staat, en beschrijft wat dat betekent voor een weiland, een paardenstal of een garagebox om de hoek.
U koopt een huis op het platteland. Er hoort een schuur bij, een oprit, en anderhalve hectare weiland. Voor de woning geldt het lage tarief van 2 procent overdrachtsbelasting. Maar geldt dat ook voor de schuur? En voor dat weiland?
Het antwoord is vaker nee dan kopers verwachten, en het verschil kan flink oplopen. Een verrassend groot deel van alle rechtspraak over de overdrachtsbelasting gaat niet over het huis zelf, maar over wat er omheen ligt.
Wat een aanhorigheid is
De wet rekent tot een woning ook de aanhorigheden: de zaken die daarbij horen. De rechter toetst dat aan drie eisen, en ze gelden alle drie tegelijk. Het bouwwerk of het perceel moet:
- behoren bij de woning,
- daarbij in gebruik zijn, en
- daaraan dienstbaar zijn.
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden benadrukte in 2018 dat daarbij alleen objectieve maatstaven tellen. Uw bedoelingen doen er niet toe, en de vraag of iets in dezelfde koopakte staat evenmin.
Afstand weegt zwaar
Een garage onder het huis of op het eigen erf is vrijwel altijd een aanhorigheid. Een garagebox op 135 meter in een andere straat is dat niet — zo oordeelde de rechtbank in 2024, en de Hoge Raad liet een vergelijkbaar oordeel eerder in stand.
Afstand is niet het enige criterium, maar hij werkt door in de andere twee: iets wat ver weg ligt, is moeilijk nog dienstbaar aan het dagelijks wonen. Een benedenetage die als zelfstandige eenheid functioneerde, telde om dezelfde reden niet mee.
Gebruik weegt zwaarder dan eigendom
Dit is het punt waar de meeste kopers op worden verrast. Is het weiland verpacht, of laat u het maaien door een buurman, dan is het in gebruik bij een derde en dus niet bij uw woning. De rechtbank Gelderland besliste in juli 2026 precies op die grond dat een weiland geen aanhorigheid was.
Het omgekeerde geldt ook. Voormalige landbouwschuren waarvan de bestemming was gewijzigd en die bij het wonen werden gebruikt, telden wél mee. En in één zaak vormden zelfs een paardenhouderij en de bijbehorende weilanden aanhorigheden, omdat ze aantoonbaar dienstbaar waren aan de woning. Een bij de woning gebouwde paardenaccommodatie viel er in een andere zaak juist buiten.
Dat lijkt tegenstrijdig, maar dat is het niet: de rechter kijkt telkens naar wat er feitelijk gebeurt op dat perceel.
Weiland en grasland: reken er niet op
De lijn in de rechtspraak is duidelijk. De Hoge Raad oordeelde in 2017 dat een perceel grasland bij een woonboerderij geen aanhorigheid was, en gerechtshoven kwamen sindsdien meermaals tot hetzelfde oordeel — ook voor percelen aan de overkant van de weg, en voor schuren en weiland bij een woonboerderij in juli 2026.
De achterliggende gedachte: een tuin dient het wonen, landbouwgrond dient iets anders. Hoe groter en hoe zelfstandiger bruikbaar het perceel, hoe kleiner de kans dat het meegaat in het lage tarief.
Zonder woning geen aanhorigheid
Een aanhorigheid deelt in het lage tarief omdát zij bij een woning hoort. Koopt u alleen de garagebox en niet het huis, dan is er niets om bij te horen en geldt het algemene tarief. Dat besliste de rechtbank in 2020, en hetzelfde gold voor het los verkrijgen van een erfdienstbaarheid op de berging van de buurwoning.
De koopsom splitsen, en wie dat moet onderbouwen
Valt een deel onder het hoge tarief, dan wordt de koopsom in de aangifte gesplitst. Die verdeling is van u, en de Belastingdienst kan haar toetsen. In 2025 keerde de rechtbank Gelderland de bewijslast om bij een aangifte die voor een aanzienlijk te laag bedrag was gedaan — dan moet ú aantonen dat uw verdeling klopt.
Een onderbouwde waardeverdeling, bijvoorbeeld uit een taxatie, is daarom geen luxe maar het dossier waarmee u later uw eigen aangifte kunt uitleggen.
Wat u kunt doen
- Loop het perceel langs vóór de akte en zet op papier wat er precies meekomt: opstallen, percelen, en van elk het feitelijke gebruik.
- Meld pacht, verhuur en gebruik door derden. Dat is het punt waar het het vaakst misgaat.
- Vraag om een onderbouwde splitsing van de koopsom, niet om een rond percentage.
- Weeg het mee in uw bod. Een weiland tegen 10,4 procent in plaats van 2 procent verandert wat de aankoop in totaal kost — zie kosten koper en de tarieven van 2026.
- Vraag gratis offertes aan en leg de situatie voor. Kantoren die veel landelijk vastgoed doen, kennen deze discussie.
Dit artikel is algemene informatie en geen fiscaal advies over uw eigen aankoop. De genoemde uitspraken gaan over specifieke feiten, en juist bij aanhorigheden bepaalt een klein verschil in het feitelijke gebruik de uitkomst. Leg uw situatie voor aan uw notaris voordat de akte wordt gepasseerd.
Veelgestelde vragen
Onze garage staat in een andere straat. Telt die mee voor het lage tarief?
Waarschijnlijk niet. De rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelde over een garage op 135 meter afstand in een andere straat dat die geen aanhorigheid was, en de Hoge Raad liet in 2023 een vergelijkbaar oordeel in stand. Afstand alleen is niet doorslaggevend, maar hij weegt zwaar: hoe verder weg, hoe moeilijker vol te houden dat het bouwwerk bij de woning hoort en daaraan dienstbaar is. Een garage onder of naast het huis is vrijwel altijd een aanhorigheid; een garagebox in een ander blok vrijwel nooit.
Wij kopen een woonboerderij met weilanden. Vallen die weilanden onder het lage tarief?
Meestal niet. De Hoge Raad besliste in 2017 dat een perceel grasland bij een woonboerderij geen aanhorigheid was, en gerechtshoven kwamen sindsdien vaker tot hetzelfde oordeel — ook voor percelen die tegenover de woning lagen. Grond die zelfstandig bruikbaar is en niet dienstbaar is aan het wonen, valt buiten het lage tarief. Er zijn uitzonderingen: in één zaak vormden een paardenhouderij en de bijbehorende weilanden wél aanhorigheden, omdat ze in gebruik waren bij en dienstbaar aan de woning. Het gaat dus om uw feitelijke gebruik, en dat moet u kunnen laten zien.
Het weiland is verpacht aan een boer. Maakt dat uit?
Ja, en dat is vaak doorslaggevend. De rechtbank Gelderland oordeelde in juli 2026 dat een weiland geen aanhorigheid was juist omdat het in gebruik was bij een derde. Het is dan immers niet in gebruik bij de woning. Loopt er een pachtovereenkomst of laat u een buurman het land maaien, houd er dan rekening mee dat dat deel onder het algemene tarief valt. Bespreek dit vóór de levering met uw notaris, zodat de aangifte meteen klopt.
Wij kopen alleen een garagebox, zonder woning. Geldt dan het lage tarief?
Nee. Een aanhorigheid deelt in het lage tarief omdat zij bij een woning hoort; koopt u de woning niet mee, dan is er niets om bij te horen. De rechtbank Zeeland-West-Brabant besliste dat expliciet in 2020. Hetzelfde geldt voor het los verkrijgen van een erfdienstbaarheid op de berging van de buurwoning. Koopt u de box later bij, dan is dat een aparte verkrijging tegen het algemene tarief, ook als u de woning ernaast al bezit.
De schuren bij ons huis waren vroeger landbouwschuren. Wat nu?
Dat kan beide kanten op vallen, en de uitkomst hangt af van wat ermee gebeurd is. Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden merkte voormalige landbouwschuren waarvan de bestemming was gewijzigd wél aan als aanhorigheden. De rechtbank Noord-Nederland oordeelde het tegenovergestelde over schuren die hun oorspronkelijke bestemming en gebruik hadden behouden. De vraag is steeds dezelfde: worden ze nu gebruikt ten dienste van het wonen, of staan ze er als zelfstandig agrarisch object? Ook een niet meer in gebruik zijnde inpandige praktijkruimte kan aanhorigheid zijn.
Hoe leggen wij de verdeling tussen 2 en 10,4 procent vast?
In de leveringsakte en in de aangifte wordt de koopsom gesplitst: een deel voor de woning met haar aanhorigheden, een deel voor de rest. Die verdeling moet onderbouwd zijn en de Belastingdienst kan haar toetsen. Een taxatie of een onderbouwde waardeverdeling per onderdeel is daarvoor de gebruikelijke weg. Ga er niet van uit dat een rond percentage volstaat: de rechtbank Gelderland keerde in 2025 de bewijslast om bij een aangifte die voor een aanzienlijk te laag bedrag was gedaan, en dan moet u aantonen dat uw cijfer klopt in plaats van andersom.
Benieuwd wat het in jouw geval kost?
Vraag gratis en vrijblijvend offertes aan bij notariskantoren in jouw regio. Dan weet je het precies, in plaats van ongeveer.
- 100% gratis
- Vrijblijvend
- Binnen 24 uur reactie