Bij erfpacht is de grond onder je woning niet van jou: die is van de gemeente of van een belegger, en jij betaalt canon voor het gebruik. Verandert er iets aan dat recht — je koopt de canon af, je stapt over naar eeuwigdurende erfpacht, de looptijd wordt verlengd of de voorwaarden worden aangepast — dan is een notariële akte van wijziging nodig, die wordt ingeschreven bij het Kadaster. Zonder die inschrijving geldt de wijziging niet tegenover latere eigenaren.
De erfverpachter bepaalt wát er mogelijk is en wat het kost: de afkoopsom of de nieuwe canon komt van de gemeente of de belegger, niet van de notaris. Wat de notaris doet, is de akte opstellen, controleren of de aanbieding klopt met wat er in de registers staat, de hypotheekhouder erbij betrekken en het geheel inschrijven.
Let op het verschil tussen de drie vormen: bij tijdelijke erfpacht loopt het recht op een einddatum af, bij voortdurende erfpacht wordt de canon aan het eind van elke termijn opnieuw vastgesteld, en bij eeuwigdurende erfpacht staat de canon vast of is hij afgekocht. Dat verschil bepaalt wat je woning waard is en of een geldverstrekker er een hypotheek op wil geven.