Het Radar-testament: waarom een oude tweetrapsmaking een herziening verdient
Na aandacht in een consumentenprogramma in 2010 lieten veel Nederlanders een tweetrapsmaking in hun testament opnemen, in de verwachting daarmee erfbelasting te besparen. De bepaling stelt die belasting inderdaad uit, maar over beide overlijdens samen valt de rekening vaak juist hoger uit, en de langstlevende erft er een boekhouding bij die makkelijk misgaat. Dit artikel legt uit waar het misverstand vandaan komt, wanneer zo een bepaling nog steeds precies op haar plaats is, en welke vragen u kunt stellen als u wilt laten nakijken of uw testament nog past.
Rond 2010 werd er in een consumentenprogramma aandacht besteed aan een bepaling waarmee u erfbelasting zou kunnen besparen: de tweetrapsmaking. Het effect was groot. In notarieel Nederland heten die testamenten sindsdien informeel Radar-testamenten, en er zijn er in korte tijd veel van gemaakt.
Dat is nu ruim vijftien jaar geleden. De wet is sindsdien veranderd, de vrijstellingen zijn flink gestegen, en veel van de mensen die zo een testament lieten maken zijn inmiddels in een andere levensfase. Reden genoeg om er nog eens naar te laten kijken — niet omdat de bepaling fout is, maar omdat hij een specifiek doel dient en dat doel niet in elke situatie past.
Wat een tweetrapsmaking doet
Bij een tweetrapsmaking erft eerst de een, en gaat wat er dan nog over is bij diens overlijden door naar iemand die u vooraf hebt aangewezen. In de klassieke variant is de langstlevende partner enig erfgenaam (de bezwaarde) en zijn de kinderen de verwachters: zij krijgen bij het eerste overlijden niets, en bij het tweede overlijden wat er van de eerste nalatenschap resteert.
Dat is een wezenlijk andere route dan de wettelijke verdeling, die sinds 2003 geldt als u niets regelt. Daarbij krijgt de langstlevende ook alles, maar krijgen de kinderen meteen een vordering op hem — een bedrag dat pas opeisbaar is bij het tweede overlijden. Een uitgebreidere uitleg van de constructie zelf staat in wat is een tweetrapsmaking.
Uitstellen is niet hetzelfde als besparen
Dit is de kern, en hier zit ook het misverstand dat destijds is ontstaan.
Wat een tweetrapsmaking doet, is de erfbelasting van de kinderen uitstellen. Bij het eerste overlijden erven zij niets, dus er is op dat moment niets waarover zij hoeven af te rekenen. Dat voelt als winst, en bij een nalatenschap die vooral uit een huis bestaat kan dat uitstel ook echt prettig zijn: er is dan immers geen geld om de aanslag van te betalen.
Maar uitstel is geen afstel. De destijds veel gehoorde redenering luidde dat de kinderen zo tweemaal een vrijstelling zouden benutten — een keer bij elke ouder. Die redenering vergelijkt met de verkeerde situatie. Ook zonder tweetrapsmaking erven de kinderen al bij het eerste overlijden: zij krijgen dan hun vordering, en daarover gebruiken zij op dat moment hun vrijstelling. Bij het tweede overlijden erven zij opnieuw, met opnieuw een vrijstelling. Twee vrijstellingen zijn dus geen voordeel van de tweetrapsmaking; die had u langs de gewone weg ook.
Sterker nog: over beide overlijdens samen valt de rekening bij een tweetrapstestament vaak juist hoger uit. Twee redenen. De vordering van de kinderen ligt bij de wettelijke verdeling vast op het bedrag van het eerste overlijden; bij een tweetrapsmaking wordt pas bij het tweede overlijden gekeken wat er nog is, en is het vermogen intussen misschien gegroeid. En omdat alles op een moment binnenkomt, valt een groter deel in de hoogste tariefschijf.
Daar komt bij dat de vrijstelling voor partners inmiddels ruim acht ton bedraagt. In veel nalatenschappen betaalt de langstlevende daardoor sowieso niets, en gaat het alleen nog om de aanslag van de kinderen. Wat die aanslag precies is, hangt af van uw eigen cijfers; de actuele vrijstellingen en tarieven staan in erfbelasting en schenkbelasting in 2026.
De boekhouding die de langstlevende erbij krijgt
Dit is het nadeel dat destijds het minst is uitgelegd. Bij een tweetrapsmaking moet duidelijk blijven welk vermogen bezwaard is — afkomstig uit de eerste nalatenschap en dus bestemd voor de verwachters — en welk vermogen de langstlevende zelf heeft opgebouwd. Daar hoort een beschrijving bij het eerste overlijden bij, en daarna een administratie die dat onderscheid volhoudt.
In de praktijk gaat dat vaak niet goed. Rekeningen worden samengevoegd, er wordt een auto van gekocht en een verbouwing van betaald, en tien of twintig jaar later is niet meer te reconstrueren wat er nog bezwaard was. Dan begint de afwikkeling met een discussie, en dat is precies wat een testament hoort te voorkomen.
Zorgkosten: een verschil dat weinig mensen kennen
Moet de langstlevende later naar een zorginstelling, dan telt zijn vermogen mee voor de eigen bijdrage. Bij de wettelijke verdeling staat daar een schuld aan de kinderen tegenover, en die schuld kan onder omstandigheden worden afgelost — waardoor het vermogen daalt. Bij een tweetrapsmaking is die schuld er niet: de langstlevende is eigenaar van alles, en er staat niets tegenover.
Dat kan jaar op jaar om een aanzienlijk bedrag gaan, en het is een gevolg waar in 2010 zelden bij werd stilgestaan.
Wanneer een tweetrapsmaking wel precies op haar plaats is
Dit is geen artikel dat u vertelt de bepaling te schrappen. Er zijn situaties waarin een tweetrapsmaking het beste instrument is dat er is, en dan wegen de bezwaren hierboven daar niet tegenop:
- Een samengesteld gezin. Zonder tweetrapsmaking kan uw vermogen via uw partner bij diens kinderen terechtkomen in plaats van bij die van u. Zie ook onze scan voor samengestelde gezinnen.
- Een kind met een beperking of een kind bij wie u wilt dat wat overblijft naar de kleinkinderen gaat.
- U wilt dat het vermogen in de familie blijft en niet via een schoonzoon of schoondochter elders terechtkomt.
- U hebt geen kinderen en wilt dat wat er na uw partner nog is, teruggaat naar uw eigen familie of naar een goed doel.
In al die gevallen is de tweetrapsmaking niet gekozen om belasting te besparen, maar om te sturen waar het vermogen uiteindelijk heen gaat. Daar is zij voor gemaakt, en daar doet zij haar werk.
Wat u kunt doen
- Zoek op wanneer uw testament is gemaakt. Staat er een tweetrapsmaking in en is het van rond 2010, laat het dan tegen het licht houden.
- Vraag bij die bespreking twee dingen: waarvoor is deze bepaling in mijn geval bedoeld, en wat gebeurt er als niemand de administratie bijhoudt?
- Vraag wat het alternatief zou zijn. Een testament met een flexibele renteclausule bereikt vaak hetzelfde uitstel, zonder de boekhouding.
- Wijzigen kan altijd en u hebt niemand daarvoor nodig. Zie testament wijzigen of herroepen.
- Vraag gratis offertes aan en vergelijk kantoren. Zie ook notariskosten testament.
Dit artikel is algemene informatie en geen advies over uw eigen situatie. Of een tweetrapsmaking in uw testament gunstig of ongunstig uitpakt, hangt af van de omvang van uw vermogen, uw gezinssituatie en de bepalingen die er verder in staan. Laat het beoordelen door een notaris die uw akte voor zich heeft.
Benieuwd wat het in jouw geval kost?
Vraag gratis en vrijblijvend offertes aan bij notariskantoren in jouw regio. Dan weet je het precies, in plaats van ongeveer.
- 100% gratis
- Vrijblijvend
- Binnen 24 uur reactie